• Gegroet, sterveling! Nieuw op het forum?
    Als je wilt deelnemen aan het forum heb je een forumaccount nodig. Registeer er snel een! Heb je al een forumaccount? Dan kun je hier inloggen.

VerhalenTopic

RabbidRobin

Ex-Teamleider Forum
Iedereen schrijft wel eens verhalen. Grappige, griezelige of spannende verhalen. Heb je een verhaal? Of heb je zin om er een te lezen, kijk dan hier :eek:. Hieronder gaat een lijst staan met verhaaltjes en ik zal er zometeen eentje posten.

Verhalenlijst:

Sanoj nr1:

We leren de soldiers kennen:
Deel I/Deel II/Deel III/Deel IV/Nog wat delen/Deel V/Deel VI

RabbidRobin



Mathijs2012

Ongetiteld

De Germanen
Deel I

Geen naam


JustAPlayer


Araluen


DutchGirl329


Initia


Gekkootje63

WarnerH
De Verandering

Kamperen op de Veluwe:
Deel 1/Deel 2/ Deel 3/Deel 4

Jelmer130
Uit het oog van de vijand:
Deel 1 & 2
De Training

Kyraco

Labyrinth:
Deel 1-3 //Deel 4/Deel 5

Bezem

De Terugkeer van het Kwaad:
Deel 1 tot 3/ Deel 4
 
Laatst bewerkt:
Het Rijk Van de Soldiers
Geschreven door: [player]sanoj nr1[/player]
Begindatum: 22/03/'13​


1. We leren de Soldiers kennen
Welkom bij het verhaal van het Rijk Van de Soldiers. Laat me me voorstellen. Ik ben sanoj, wel, ik word ook wel eens 'Leader' genoemd. Ik ben de leider van het volk der Soldiers. Ik laat je even met ze kennismaken:

Soldiers:
Leider: sanoj
Raadgever: Trixan
Strateeg: Frederic

Dit zijn zowat de 3 belangrijkste personages, toch zeker in het begin. Met de rest zal je later wel vanzelf kennismaken.

Dit grote verhaal speelt zich af in de tijd der Grieken, Romeinen, etc. etc.

Veel leesplezier.


Hoofdstuk 1) Ik word herboren
Daar stond hij dan. Sanoj's vader was gisteren gestorven. De arme Fenix was gestorven aan een schorpioenensteek. Erg respectloos, voor een groot man zoals hij. Sanoj was net terug van de begrafenis, zijn moeder was thuis. Hij keek naar de zee. Hij vondt het zoiets mooi, de zee. Het was zo eenvoudig, en tegelijk vol mysteries. Wie weet wat was er wel allemaal in die zee!
'He-hem, Sanoj, jouw beurt', kuchte Trixan. Hij was de raadgever, een wijs man, maar stokoud. Binnenkort zou hij ook sterven, dan zou er iemand anders moeten. Frederic, zijn strateeg, was al niet veel beter. Hij had koorts. Jullie denken nu, och, dat valt wel mee. Nou ja, even terzijde, in de tijd van de Grieken was dat een zeer grote doodsoorzaak.
Ik liep naar het balkon. Daar stond waarschijnlijk al zijn volk te luisteren naar wat hij ging zeggen. Hij hoorde het volk, hoorde zijn naam afroepen en hoorde gejuich. Iedereen was blij, zo leek het wel. Alleen hij niet. Hij stapte op het balkon. Het werd stil. Tot Sanoj zei: 'Beste bevolking van Soldierpolis.', 'Laten we eerst een minuut stilte brengen.'
Niemand had dit verwacht. Iedereen dacht aan wijn, kip, feest! Toch deden ze het, uit respect voor hun oude leider.

Na de minuut sprak Sanoj z'n volk weer:
'Beste Soldiers,
Zoals jullie weten heeft mijn vader deze bende goed bij elkaar gehouden. Echt staan wij nog veel te alleen in deze wereld. We zijn een soort wereldrijk, we bezitten heel Thacië, Berebië en Gogië. Echter, kunnen ze ons zo ook langs alle kanten aanvallen. Niet als we meer bondgenoten hebben. Samen staan we sterker!'
Het volk murmelde, hun vorige leider was vol oorlog en haatte samenwerken. Was dat het juiste? De meesten dachten van wel. Er was 1 klein jongetje, 14 jaar was hij nog maar. Zijn naam? Iünix. Hij dacht er anders over. Deze kleine jongen was de zoon van Trixan. Hij was een geboren diplomaat.

Sanoj vervolge zijn spraakgang:
'Daarom, zal ik 4 mensen aanduiden, die samen met mij naar de Shadows trekken. Verder duid Frederic er nog 5 aan die naar de Swordsouls gaan om te onderhandelen, de meest gevreesde stammen in deze buurt.'

Het volk mompelde nog harder. Niemand wou mee!

Sanoj koos willekeurig: 'mmm... Iünix, jij gaat alvast met mij mee' zei hij tegen Iünix.
Iünix keek bang. Normaal was hij een echte durfal, hij sprong over daken en beken van een meter alsof het een normale voetstap was. Hij schold rustig tegen de lijfwachten en durfde zomaar zonder reden iedereen op de tenen staan.
Sanoj had hem niet willekeurig uitgekozen, hij zei tegen zijn volk:
'Iedereen die ik kies, zal op een held lijken uit een Mythe. Aangezien we op deze tocht ook monsters daaruit gaan vinden, moeten de mensen weten hoe met ze om te gaan. Wie gaat er als eerste mee?'
Het volk bibberde en jammerde.
'Iünix, jij.'
Iemand uit het volk zei: 'Waarom hij? Hij is ocharme 14! En zeg dan eens op welke Mythe-held hij lijkt?' Het was Georges. Een grote herrieschopper, vond zichzelf beter dan de rest, vond zijn spieren zo groot als de berg Olympus, met andere woorden: Een egootje.
Sanoj antwoordde kalm: 'Hij lijkt op Icarus.'
'Ik ken hem helemaal niet', zei Georges 'dus zal hij waarschijnlijk niet veel waard zijn.'
Sanoj voelde zich aangevallen, zeker omdat hij zichzelf ook in Icarus zag.
'Ik zal het jullie vertellen.'

Icarus werd geboren, zijn vader was Daedalus, een heel beroemd architect. Hij bouwde onder andere het labirint van Minos in Knossos. Zijn moeder, is nooit echt duidelijk geweest. Sommigen zeggen dat ze vlak na de bevalling stierf, sommigen zeggen dat ze zich heeft opgehangen, sommigen zeggen dat het een Godin was, en dat Icarus dus een halfbloed was. Icarus was amper 2 maanden, toen Daedalus ging wandelen met een zelf gemaakte houten wiegje. Toen hij even naar een ekster keek, was de kleine Icarus weg. Daedalus zocht zich dood, toch hij Icarus in een boom zag. Hoe de 2 maand oude Icarus erin was gekomen, was niemand bekend.
Icarus groeide op. Hij liep over daken, sprong over sloten van 2 meter, Sliep onder de grond, met andere woorden, hij deed de meest zinloze dingen. Hij was een echte levensgenieter, maar zag de dood niet. Hij sprong van rotsen van 5 meter hoog, en telkens (en af en toe met wat geluk) kwam ie er telkens goed vanaf. Waarom deed die dat? gewoon, het was volkomen zinloos. Hij was het tegenovergestelde van zijn vader, zijn vader was 'Denken-Doen', bij hem was het 'Doen-Nu!'. Toen Icarus 14 was, werd hij verliefd op Ariadne, een dochter van Minos, die Icarus uit haar torentje haalde. Toen de minotaurus werd losgelaten in het labyrint van zijn vader, is Icarus samen met Theseus naar binnen gegaan, en hebben ze de minotaurus gedood. Door Ariadnes rode draad, kon hij de weg terugvinden. Later sloot Minos Icarus en zijn vader gewoon weer op in het labyrint, maar liet de deur dichtmetselen, en Ariadne was trouwens al naar Athene. Tot Icarus op een idee kwam. Hij had altijd al willen vliegen, en zo konden ze uit het labyrint geraken! Daedalus maakte vleugels, maar toen ze over zee waren, kwam Icarus te dicht bij de zon en te dicht bij het water. Zijn vleugels drupten, hij viel, dood op de rotsen. Da was de boete voor zijn onvoorzichtigheid. Hij kon tijdens zijn val nog 1 ding roepen: 'Dààr, wacht ik op Ariadne', die ondertussen van boort was gesprongen van gekte, omdat ze Icarus wilde zien. Ze verdronk.


Iedereen was onder de indruk, zeker Iünix. Alleen George: 'Hij was dus geen held waardig, hij viel toch te pletter.'
De meningen waren verdeeld, sommigen knikten, anderen schudden het hoofd.
'Hij liet zich vallen voor Ariadne, zijn geliefde, het was liefdesverdriet', zei Sanoj.
'Hm... Toch is het geen held.'
'Tja, jij ook niet, hé?'
'Zeker wel. Hij niet. Ik ben meer held dan hij.'
'Waarom is Icarus dan wereldberoemd en jij niet?'
Daar moest George even over nadenken. 'Omdat... Hij de mino doodde.'
'Inderdaad, dus hij was wel degelijk een held, al was het in zijn levensstijl.'
'Verder,' zei Sanoj, 'Wie gaat er nog mee?'
Hij keek even rond. Maar vond niet direct iemand.
'We doen morgen wedstrijden, voor al diegene die mee willen gaan. De winnaars mogen mee. Het zullen 8 kampen worden!'
Er klonk gebrul en gejuich. Sanoj was opgelucht, de meesten waren dus toch vol lof over zijn plan. Goed, zeer goed.

2. Ik heb vrienden
Sanoj lag in zijn bed, hij had een verschrikkelijke nachtmerrie gehad... Hij was samen met Iünix alleen moeten vertrekken, omdat zijn volk niet mee wou gaan. De Shadows hadden eens goed gelachen, en dreigden met zijn dood. Toen werd hij wakker. Hij was trouwens ook alleen, hij miste een warm lichaam naast zich. Hij stond op en keek naar de zon. 7u 's morgens, volgens zijn berekeningen. De deur zwaaide open, verschrikt keek hij. 'Wie is daar?' vroeg hij. Iünix kwam de kamer binnen hollen, hij was lijkbleek. 'Het is... hu, hu, je weet wel, hu, hu.'
'Rustig aan, wat is er?'
'K...K...Ka...Kabouter!'
'Ja, wat is er met hem? Heb je nieuws van hem ontvangen?'
'Ja, hij is terug van zijn missie bij de Conquerors. Hij zei dat ze honger hadden, ze staan allemaal voor onze poorten!'
'In aanvalspositie?'
Iünix dacht na: Nee, eigenlijk niet. Zo scherp was hij niet geweest. Ze stonden er, ja, te staan.
'Zo, dus ze willen iets?'
'Ik...Ik denk het'
'Laat Kabouter tot bij mij komen.'
'Is dat wel zo verstandig?'
'Laat hem gewoon binnen.'
Iünix stormde weg, een paar minuten later kwam hij met Kabouter weer binnen.
'Wat willen jullie, Kabouter?' vroeg Sanoj aan hem.
'Onze oogsten zijn mislukt, de boerderijen staan in brand, de kinderen kunnen niet meer spelen, we hebben hulp nodig!'
'Hm... Hoe lang zijn jullie al onderweg?'
'2 dagen.' zei Kabouter.
'Dan is alles voor jullie verloren.'
'Hoezo dat?'
'Heb je je hele volk bij?'
'Zo'n beetje'
'Dan zal dat nu alles zijn, de rest zal wel zijn omgekomen in de brand.' zei Sanoj kalm.
Kabouter werd lijkbleek, zo had hij er nog niet over nagedacht, wat nu?
'Trek bij ons in.' Zei sanoj, 'We hebben toch nog strijdmachten nodig.'
'M...Meent u dat?'
Kabouter was dolblij, hij ging het direct aan z'n volk vertellen!
De tijd was ondertussen voorbij gevlogen. Iünix kwam binnen, wenend.
'Wat is er?' vroeg Sanoj bezorgt, hij wist namelijk dat Iünix niet zomaar in tranen stond.
'Het zijn Frederic en Trixan...'
'Wat is er met hen?' Sanoj was in alle staten, ze waren beide ziek, dit kon nooit goed zijn.
'Ze zijn beide gestorven, deze nacht.'
Het was een zeer lange tijd stil. Het volk sjouwelde buiten, ze wilden hun leider zien.
Bedroeft kwamen Sanoj en Iünix op het balkon. De Conquerors waren mee op het plein gaan staan, ze hoorden er natuurlijk mee bij.
'We gaan 3 dingen moeten bespreken.', zei Sanoj zo kalm als hij kon.
'1. Trixan en Frederic zijn gestorven. Er zullen vervangers nodig zijn.
2. De Conquerors zijn bij ons getreden, want hun oogst is vervloekt door Hades' spreuk.'
Het volk jammerde, was dit wel goed?
'3. De groepen naar de SwordSouls en de Shadows.'
'Laten we eerst een stilte in acht nemen voor Trixan en Frederic.'
Het was veel langer stil dan 1 minuut, dit was nog nooit gebeurd!
'Dan, de vervangers.'
Iedereen zweeg, iedereen wilde wel de vervanger zijn!
'Iünix, kies ze.'
Iedereen was stomverbaasd. Waarom mocht die snotneus alles beslissen? Ze waren een volwassen volk!
'Euh...', stamelde Iünix.
'De raadgever...', Hij keek in het rond, 'wordt Peltos van de Conquerors.'
Sanoj fronsde. Iemand van de Conquerors? Ze waren hier nog maar een paar uur!
'Voor de strateeg...' ,zei hij 'Kabouter'
Het volk barstte los, die Iünix had gewoon medelijden met de Conquerors! Ze begonnen te protesteren, maar ook al snel ging het lawaai weer liggen.
'Zo zei het.' zei Sanoj. 'En nu dan, de groepen.'
'Samen met mij en Iünix, gaat mee...'
'Sien ttczoersel.' Sien was ongeveer van dezelfde leeftijd als Iünix. Het volk protesteerde, nog zo'n jong kind? Er was wel 1 pluspunt aan sien, ze had een verhaal.
'Leg het dan eens uit!', hier was Georges weer, met een dikke grijns op zijn gezicht. Hij had gisteren alle Mythes gelezen en geleerd, om Sanoj op een fout te betrappen.
'Goed dan. Ik vertel U: De Mythe van Ariadne.'
'Pfff, laat die maar zitten!' Zei Georges snel. 'Die hebben we al gehoord in het verhaal van Icarus. Ze zat opgesloten, Icarus redde haar, ze redde Icarus uit het labyrint, en werd uiteindelijk tireliere. Gaat U alle helden zo kiezen? Allemaal met een dood?'
Het volk was het er mee eens, er klopte iets niet.
'STILTE.' zei Sanoj streng. 'Ik ben gisteren naar het Orakel geweest, en heb haar gesproken.'
'Wat zei ze dan? De missie zal mislukken?' grijnsde Georges, die kennelijk dacht dat hij grappig was.
'Wacht maar af Georges, jouw tijd komt nog.' zei sanoj.
'Wat zei het orakel?', het was Sien, nu was ze wel nieuwsgierig.
'Dit zijn zijn wijze woorden:'
Een gevecht waar de Soldiers strijden,
Zal zich in groepen verspreiden,
2 groepen van telkens 5,
Groepen van échte helden, met een goed lijf,
Zij zullen strijden tot hun dood,
Neem de namen goedgezind,
Door verliefdheid stekeblind,
kies de kerels jong en sterk,
alleen zo, zal de leider buigen.

Het was stil, Liefde? Niemand was hier verliefd.
Iünix begon te blozen, hij hoopte dat Sien het niet zag, natuurlijk, deed ze dat wel. Ze lachte, in stilte, waardoor Iünix liefst weg zou vliegen van geluk. Ja, hij was verliefd.
'Ik weet wie ik kies dus, Georges! Laat dat duidelijk zijn.' zei Sanoj.
'De volgende: Peltos.'
Het volk murmelde, wéér iemand van de Conquerors?
'En da's ook van het Orakel zeker?' spuugde Georges.
'Zeker. Dit is een gevoel dat het Orakel me gaf.' fluisterde sanoj.
'Volgende: Affelayde.'
Affelayde was een jongen, klein, maar zeer slim.
'Voor de 2e groep, geef ik het woord graag aan Kabouter, die deze zal leiden.'
'Wat, ik?'
'Ja, jij, doe maar.'
'Euh, oké. Eerste: ...'
Sanoj onderbrak hem. 'Excuses, Kabouter, ik was iets vergeten.'
'Ja?'
'Affelayde moet met jou mee, bij mij moet Bianca komen.'
Iedereen proestte van het lachen! Bianca was het mooiste meisje van de hele wereld, ook een dochter van Aphroditè. Waarom zou zij mee moeten?
Sanoj dacht in zichzelf: Liefde, ik moest er aan denken van het Orakel...
'Kabouter, ga je gang!'
'Dus... Ik neem mee; Snabbel, Prutius, Affelayde en Place.'
'Dus 4 jongens, 1 meisje?' zei Sanoj.
'Ja, ik ben overtuigd.'
'Goed, dus de groepen:
Sanoj
Sien
Iünix
Bianca
Peltos

en

Kabouter
Affelayde
Place
Prutius
Snabbel'

'Goed, waarde landgenoten.' zei Sanoj met een verbasend krachtige stem.
'Ga slapen, rust uit, morgen vertrekken we. Smidsen, maak wapens, boeren, zorg voor proviand.'

Sien keek achterom, ze keek ineens enorm boos naar Iünix. Hij was niet van het emotionele soort. Hij zou vechten voor haar! En in zichzelf dacht hij: Ik... Zou m'n leven geven...
Ook Sanoj dacht even aan het Orakel. Er waren een paar rare zinnen... De eerste waarom hij Bianca had gekozen, over de liefde. Hij zag haar lopen... 'Even concentreren!' Zei hij luider dan bedoeld was. Bianca was nog wat achter, ze had hem verstaan. 'Wat is er?' vroeg Bianca. 'Niets hoor' antwoordde Sanoj verlegen. Ze liep weg, oef, ze had niets gemerkt. Toch? Dan was er nog de zin over het 'strijden tot de dood', het beviel hem niet. Hij keek naar Iünix, en wist direct wat het Orakel wou bedoelen.
 
Laatst bewerkt door een moderator:
3. We temmen een leeuw
Sanoj zat in zijn slaapkamer. Hij had zo vele vragen. Wie zou strijden tot de dood? Wat bedoelde het Orakel met stekeblind? Zouden de leiders wel buigen? Zo had hij er nog 1000en andere. Telkens opnieuw werd hij wakker uit een verschrikkelijke droom. Hij was nog een jonge knaap in de 20, sterk, slim, en toch. Er kon zoveel fout gaan. Zo'n leidersfiguur was hij niet. Allesbehalve, zelfs. Hij kon de slaap niet vatten. Daarom, bedacht hij het Orakel te bezoeken. Hij sprong in zijn kleren, ging naar buiten. Hij zag het plein, het zag er erg leeg uit. De smidse waren donker, geen gesnurk, geen huilende kinderen, niets. Totaal niets. Hij voelde zich een beetje zoals Icarus in zijn labyrint het ook gevoeld moest hebben: Verward, en zoekend naar een puntje houvast. In de donkerte liep hij tussen de smidse en de schoenmaker door in een dun straatje. Op het einde ervan, was een heel verlichte plaats. Hij stapte naar binnen. Het orakel, Finisterre genaamd, was aan het slapen op een bank. Hij keek rond, de tent was inktblauw en er stond een tafel in het midden.
'Finisterre, wakker worden!'
'Hm... Wat is er?' vraag ze wat verward.
'Morgen vertrekken we. Kan je zien of alles goed gaat?'
'Ik zal m'n best doen...'
Verdwaasd stond ze op, ging op de tafel zitten en sloot haar ogen. Tot er plots groene mist uit haar mond kwam. Een oude stem, net als een Godin, sprak:
'Wat is Uw vraag?'
'Zullen we de Shadows bereiken, zullen we veilig zijn?'
Dat zijn er 2. Maar zo zal het lot geschieden.
Finisterre ging liggen. Een nog veel oudere stem, zoals een Titaan, sprak:
'U zult de poorten achter zich laten,
Gesteund door zielen,
zal U een leeuw temmen,
deze zal wel hard brullen,
en uiteindelijk zal ze smullen,
de strijders gaan bedroefd verder,
een vriend, gekend een herder,
zal hen het leven laten tonen of ontnemen,
maar de schaduwen blijven gewaagd,
of u de schaduwen zult bestrijden,
klinkt uit een kindersmond.


Sanoj was stomverbaasd, er zou iemand sterven! En wie was die herder? Dit was niet goed. Hij wist dat het Orakel nooit vrijuit sprak, maar altijd met enorm veel raadsel. Nu had hij nog meer vragen. Finisterre stond op.
'Wat zei ik?'
'Nouja, zowat vanalles, eigenlijk.'
'O, oké.'
'Ik ga weer slapen.'
'Goed, je ziet er moe uit, en je moet uitgerust zijn.'
Hij ging naar huis. Toen hij in zijn bed lag, begonnen sommige puzzelstukjes al te vallen, al wist hij dat alles altijd een geweldig andere draai kon geven. Misschien was de dood die van de vorige zin van het Orakel, waar hij Iünix op had geplakt. 'Zielen' konden dan weer van de dode zijn. De leeuw... Hij dacht na. Het moest een mythe zijn...
Met grote schrik kwam hij overeind. Hij riep verschrikt. Iünix was wakker geworden en kwam de kamer binnen.
'Wat is er?'
'Ik... Ik ben naar het Orakel geweest.'
'Pfff... Je weet dat dat niet slim is. Wat zei ze?'
Hij vertelde alles, tot hij terug bij de leeuw was.
'Denk jij wat ik denk?'
'Dat denk ik, als jij het denkt.'
'Dus het is...'
'Het is hém.'
'Dan hebben we een groot probleem.'
'Ga nu maar slapen, dat zijn zorgen voor morgen.'
'Goed, maar beloof je me een plan?'
Daar stond hij weer, natuurlijk moest hij een plan hebben. Die leeuw dood je niet zomaar. Zijn huid was al een schild. Hoe kon hij hem verslaan. Hij wist het niet. Maar uiteindelijk viel hij toch in slaap.

De volgende morgen werd hij wakker. Hij had besloten niemand er iets van te vertellen, anders zouden ze wel eens bang kunnen worden.
Ze stonden voor de poort, deed hem open, en ze vertrokken. Peltos wou grappig zijn, zonder dat hij het wist: 'Haha, ik zou nu wel een leeuw kunnen eten!'
'Tja, maar al te goed.' zei Sanoj
'Waarom dat?' zei Bianca. Maar Sanoj wist dat het te laat was. Ze wist het.
Toen ze ongeveer een kwartier buiten de paleispoorten waren, hield Sien halt.
'Horen jullie dat ook?'
'Pak de dichts bijzijnde steen.' zei Sanoj kalm.
'Waarom? Je moet ons iets zeggen!' zei Peltos.
'Je zal het direct wel zien.'
grrrr... Daar klonk het weer.
Tot er plots, vanuit de lucht, een gigantische leeuw opsprong. Hij had 5 staarten met zwaarden, een huid die zo hard was als staal, een kop zo groot dat hij wel 5 bijenkorpsen over zich had kunnen krijgen. In één woord: Een Manticore.
'Ik wist het.' zei Sanoj kalm.
Bianca kwam naast Sanoj staan. Ze had een pijl en boog bij. Ze stak de pijlen in brand.
'Dat heeft geen nu...' wou Sanoj zeggen.
'Wacht, zorg dat z'n muil open gaat.'
Sanoj stond stomverbaasd. Daar had hij niet aan gedacht. Doe het gewoon zoals in de Mythen!
'Iünix, Sien, val hem langs achter aan!' Kon hij nog net zeggen voor hij bijna werd doorboort door een tand. Sien sprong, ontweek nét een staart en plante haar zwaard in zijn huid, of sloeg hem erop kapot, achteraf gezien. Er kwamen 4 staarten op haar af. Ze ontweek ze zonder moeite, 4? Er kwam nog een 5e. Niemand hield zich bezig met Sien, dit zou haar einde zijn.
Iünix zag het net op tijd, hij sprong, en hield zijn schild voor zijn borst, het zwaard raakte hard zijn knie. Hij viel neer. Peltos stak zijn zwaard in de vleugel van de Manticore. Bianca stond klaar. Sanoj sprong, recht op de muil af. Dit was op blind vertrouwen. De manticore's aandacht was nu bij Sanoj. Hij opende zijn muil, en nét toen Sanoj erin zou verdwijnen kwamen 10 brandende pijlen voorbij. De manticore slikte, Sanoj stond in zijn muil, stak door zijn gehemelte. Peltos was ondertussen er bovenop gesprongen en stak zijn bijl in het oog van de Manticore.

Sien draaide zich om. Er kwam een stipje aan rennen. Het waren 2 mannen, IronMaiden en Zacky zeiden ze. Zacky ging al direct in actie. Hij hakte de staart eraf. IronMaiden hielp Iünix overeind. Sanoj ging een enorm risico nemen, en dook in de keel van de manticore. Bianca schrok, wat ging hij doen?
'Voor Soldieeeeeers!' riep Sanoj, hij pakte zijn zwaard, zette het in het bovenste van de keel van de manti, en sneed die in 2. Hij zag z'n hart, snel pakte hij een brandende pijl uit de nek van de manti en gooide die er naartoe. De manticore viel neer. Hij zat daar, half de keel, hij mocht niet in zijn maag belanden! Zijn adem begon op te raken. Boven hem was alleen nog metaal achtige huid. Hij zag een lichtstipje. Zacky keek hem recht in de ogen, en hielp hem eruit. Zacky was verbazend veel, hém.
'Wie zijn jullie?' vroeg Sanoj nadat hij was bekomen.
'Ik ben Zacky, hij is IronMaiden. Wij zijn van de Shadows.'
Zijn hart sloeg, maakten we nu al kennis met hem? Hij zag Iünix liggen en ging er naartoe.
'Hoe gaat het? Hoe is dit gekomen?' vroeg hij.
Iünix antwoorde: 'Mijn knie... Wou... Sien... redden...'
Sien stond naast Zacky, ze bloosde. Maar toen zij ze hard: 'Pfoe, alsof ik mezelf niet kon redden. Komop, we gaan voort.'
'Ik... Kan... Niet...' kreunde Iünix.
Sien keek enorm boos. Iünix wou wel huilen. Waarom? Hij had toch haar leven gered?
Nadat Sanoj met Zacky en IronMaiden over de samenwerking had gepraat, zei hij droog:
'We overnachten hier. En we hebben het uitstekend gedaan, vooral jij, Iünix.'
Sien keek boos, waarom? Ze was groot genoeg om haarzelf te redden, wie dacht die Iünix wel dat ie was? Zacky, dàt was een man! Gespierd, slim, alles in één! En die ging niet kreunen bij elke slag. Wat ze niet wist, is dat Iünix' knie zo goed als 3 dubbel gebroken was. Ze had misschien de kracht wel onderschat. Maar dat wist ze natuurlijk niet, hoe hard die aankwam.
 
Laatst bewerkt door een moderator:
We maken kennis met Madame Pyton
Iünix werd wakker. Z'n knie bonsde. Hij zag Sien's gezicht nog voor zich. Direct werden zijn tranen weer vochtig. 'Wees een man!' zei hij tegen zichzelf. Hij keek in het rond. Iedereen was was wat aan het doen. Zacky, IronMaiden en Sanoj zaten druk te babbelen, Peltos was nieuwe pijlen, zwaarden en bijlen aan het maken, Sien probeerde zo veel mogelijk te horen van Zacky's gesprek en Bianca zat naast hem.
'Hoe gaat het met je knie?' vroeg ze.
'Het gaat goed, bedankt.'
Hij keek naar zijn knie, het zag nog helemaal rood, en er zat spinnenweb op om de wond te verbinden. Bianca was bezig zijn knie wat te ontsmetten. Dat deed goed, dacht hij bij zichzelf. Hij vroeg aan Bianca of hij nog met iets kon helpen.
'Rust maar uit, je hebt het nodig. Je deed het goed, met de manticore. Spijtig van Sien.'
Hij keek haar verbaasd aan. 'Hoezo, "met Sien"? Wat is er met haar?'
'Haha, alsof je dat niet weet! Vrouwen kunnen gedachten lezen, wist je dat?' zei ze met een big-smile. Hij dacht diep na. Zou zij dan ook weten dat Sanoj... Nee, dat ging hij niet vragen, vrouwen konden helemaal geen gedachten lezen, toch?
'De enige reden dat ik hier ben...', zei Bianca 'is door Sanoj, niet?'
'Euh...', hij moest even slikken, hoe wist ze dàt? Zou het dan toch kunnen?
'Niet?'
'Euh, eerlijk?'
'Liefst.'
'Ja, dat is de reden.'
Hm... Ze vroeg achter de reden, en bevestiging, dus, toch niet helemaal zeker?
'Waarom?'
'Ik dacht aan de zin uit het Orakel. En... Hoopte eigenlijk dat ik in Sanoj's team zou worden gezet...'
Dus, hij was iets te weten gekomen! Zijn knie deed geen zeer meer. Want als 14-jarige wist hij veel, zéér veel, nu. Hij had zo'n big smile dat Bianca raar fronste. 'Wat is er?'
'Pwahahaha, niets hoor!' proestte hij.

'Hm... Dus jullie zijn naar hier gekomen om ons te beschermen?' ,zei Sanoj,'Waarom?'
'Ons Orakel sprak zo.' zei Zacky. 'Het zei de wijze woorden:
Ijzer zal de leeuw verslaan,
Soldaten zullen vrienden zijn,
Zacky zal blijven staan,
Kijkend naar een schoonheid,
Die schoonheid, die hen als bondgenoot zal scheppen,
Of te veel ego's zal hebben.

'Van een paar dingen ben ik zeker: De Soldiers zijn jullie, ijzer is Iron, de schoonheid is Sien, maar van die ego's, dat bevalt me niet.'
'Ze kan ook ons de bondgenoot scheppen.'
'Misschien. Maar wat betekende de zielen in jullie Orakel dan?' Kwam Iron droog tussenbeide.
'Ik denk', zei Sanoj, 'dat dat de SwordSouls zijn.'
'En waarom zouden ze achter jullie staan?' vroeg Zacky.
'Ik weet het niet, in een oorlog ofzo?'
'Dat zou wel eens goed kunnen. Onze controleur heeft namelijk troepen van de Invasions zien naderen.'
'Wat zei je? De Invasions? Dan zijn we fout bezig!'
Sien zag knalrood, was dit misschien wat heftig?
'Wat doe jij hier?' vroeg Iron nors.
'Howla, het is niet omdat ik een meisje ben dat ik niet kan denken!'
'Alleen een Orakel kan zo helder denken dan mannen, dat weet je.' kwam Peltos tussenbeide.
De mannen proestte het uit! Sien was enorm boos. Vooral Zacky lachte, daar was ze niet blij om! Ze keek naar Iünix, had ze een inschattingsfout gemaakt? Ze ging recht voor Zacky staan en zei hard in z'n gezicht: 'Ben jij een màn?! Zo lachen met vrouwen! De Godinnen zullen je slecht gezind zijn!'
Iedereen proestte het uit! Haha, godinnen. Meen je dat nou?
Ze hadden, achteraf gezien, hun woorden moeten innemen. 'Hey, wat is dat, daar?' vroeg zacky. Tussen de bomen stond een heel leger, met op kop, een klein, bruin meisje.
'Hoe durven jullie zo met ons ras te spotten!'
'Hahahaha, jullie zijn vrouwen, en daar ga jij niets aan veranderen hoor!' zei Peltos.
'Jij weet niet wie ik ben!' zei het meisje kwaad.
Sanoj verstijfde, hij wist wie dit was! Hij begon te knielen.
'Haha, meen je dat nu, Sanoj? Waarom buig jij voor een klein, armzalig meisje?!'
'Buig.' siste Sanoj.
'Deze man heeft tenminste nog een beetje respect!' zei het meisje.
'Zacky, kniel!' siste Sanoj.
Ook Iron werd lijkbleek, hij knielde.
'Kniel, Zacky!' fluisterde Iron.
'Alsjeblief, kniel!' siste Peltos, ook hij had het nu door.
'Zacky, dit zal je leren!' zei Sien zacht, terwijl ook zij boog.
'Wel, dus jullie denken dat zij zo machtig is? Laten we dan vechten!' zei Zacky spottend.
Sanoj wou hem waarschuwen, maar het was al te laat.
'Oké, zei het meisje, op leven en dood?'
'Haha, neen, ik dood jou niet hoor!'
'Als ik jaag, dood ik altijd.'
Peltos lag daar, was Zacky's munt nu nog niet gevallen?!
'Jagen?' zei Zacky, 'serieus?'
'Zeker, ik bepaal zelfs of jouw jacht slaagt!'
'Brabbel niet zo, je brengt me uit m'n concentratie!'
'Kies je wapen!' zei Zacky, hij bood het meisje een dolk of zwaard aan.
'Ik heb mijn wapen.' zei ze kalm, en als bij toverslag was er een zilveren boog te zien.
'Laten we dan beginnen.' zei Zacky kalm.
'Je weet niet waaraan je begint, jongeman!' zei het meisje droog.
'Dat weet ik wel zeker!' zei Zacky vastberaden.
'Oké, naam nodig?'
'Ik versla je wel zonder naam!' zei Zacky.
'Oké, ik tel af, 3, 2, 1!' riep Zacky.
Het meisje schoot pijlsnel een pijl af, hij stak in de schouder van Zacky.
Met een dreun ging hij liggen. 'Wie... Wie bent U?'
'Ik jongeman, ben Artemis, Godin van de jacht.'
'Hahaha, U maakt een geintje!'
'Nog een pijl hebben?'
'Nee, dit is niet waar!'
'Zeker wel jongeman!'
Als bij toverslag verdween de pijl en de pijn weer. Hij knielde, die Zacky. Hij zag vuurrood, wat een blunder!
'Geachte Godin, waar komt U voor?' vroeg Sanoj.
'Wel, dus, jullie zullen falen, of toch niet. Ga naar de herberg hier een beetje verderop. Daar kunnen jullie beter uitrusten, en eten.
Als bij toverslag stond er een herberg 100 meter verderop.
'Die stond er daarnet nog niet...' murmelde Peltos.
'Niet doen...' kreunde Iünix vanaf zijn plaats.
De Godin vond het idee blijkbaar niet zo aanstekelijk en bond zijn mond vast met takken.
'Ga.' zei de Godin. 'Verwoest die herberg. Als het jullie lukt, hebben jullie mijn zegen tijdens deze reis.'
'Verwoesten?' vroeg Bianca, 'Waarom, wat is daar?'
Ze was weg. De herberg was er nog.
'Laten we er naartoe gaan, en kijken wat er is.' opperde Sanoj.
'Goed idee.' zei Sien droog, en ze vertrokken.

Aangekomen in de herberg deed er direct een vriendelijke vrouw open.
'Waar kan ik jullie mee helpen?' vroeg ze sissend.
Sissend? Sissend? Het deed bij Sanoj een belletje rinkelen, maar het kwam er niet helemaal uit. Hij ging naar Iünix.
'Zeg, ken jij een mythe met iets sissends in?'
'Tja, als je Medusa bedoeld.'
Sanoj werd lijkbleek. Medusa? Echt? Had de Godin ze dit aangesmeerd?
'Mannen, hier komen!' riep hij snel.
Maar het was al te laat, ze waren al naar binnen. En hij hoorde Medusa zeggen: 'Willen jullie graag een standbeeld van jullie allen? Ik ben een uitstekend beeldhouwer!'
'Dat zie ik.' zei Peltos. Hij keek in de tuin, hij zag saters, Romeinen, Grieken, Egyptenaren, zelfs een manticore. Het leek allemaal zo echt, té echt.
'Oké, ga daar staan als model.' zei Medusa zacht.
'Neeee!!!', daar was Sanoj. Hij had een schaaltje vast dat blinkte, kwam achteruit aangelopen, met een zwaard.
'Wat is dit?' vroeg Iünix, 'Ze wil gewoon een standbeeld van ons!'
'Ja, da's het enige dat Medusa wil, ja!'
Iedereen keek stomverbaasd, maar keek al snel weg.
Medusa veranderde van vorm, nu had ze een schubbige huid en duizenden kleine, waarschijnlijk zeer giftige, slangen als haar. Daarom dat het de hele tijd zo siste!
'Laten we spelen, held!'
Held? Hoezo held?
'Ik ben geen held, maar ik zal wel proberen jou te verslaan!'
'Doe niet onnozel, zoon van Zeus! Je bent wel degelijk een held, en ik heb met plezier een mooi standbeeld van jou!'
Zeus? Zeus? Zijn vader was toch gestorven, zijn normàle vader?
'Ja, Zeus, jouw vader was slechts een 2e huwelijk van je moeder, weet je.'
Het was erg 'creepy', zeker Iünix, vond het best wel eng. Konden vrouwen dan toch ...?
Sanoj liet zich niet misleiden, bidde tot zijn zogenaamde 'vader'. Hij vroeg vriendelijk voor een bliksem, ofzo? Dat zou wel eens goed uitkomen. En cool zijn!
En als bij wonder, kwam er een dikke bliksemschicht uit de hemel. Hij voelde zijn lichaam tintelen, zoals hij al vaker had gevoeld in strijd of nood. Trixan had altijd gezegd dat het goed was, en dat hij moest proberen die tintelingen eruit te halen, het was nog nooit gelukt. Maar misschien, nu?
De bliksemschicht raakte Medusa. Ze schreeuwde het uit van de pijn. Sanoj stak zijn hand uit naar Medusa, zonder te kijken, natuurlijk. Hij probeerde te richten door zijn schild, en probeerde te ontladen. Een rood, paars, wit, geel, veelkleurige bliksemschicht kwam uit zijn hand, en toen het stof weg was, was Medusa alleen maar as. Hij keek verbaasd naar zijn hand. Er was geen schrammetje aan. Hij herinnerde zich iets wat Medusa zei toen ze getroffen werd: 'Heil, zoon van Zeus! Jij bent machtig, té machtig! De wereld ligt aan jouw voeten, zeker met al je vrienden. Zoon van Zeus, heil!'
Zoiets moest het geweest zijn. Tijdens de stof moest iedereen gezien hebben, want hun ogen staken uit! toen besefte hij dat hij zich nog helemaal vol elektriciteit geladen voelde, hij keek naar zijn voeten, en overal kwam elektriciteit uit. Hij zakte neer, het had hem veel energie gekost. Het laatste wat hij voelde, was Bianca, die op hem kwam rennen en zei: 'Je was geweldig!'
Gelukkig sloot hij zijn ogen, geen energie om vragen te beantwoorden, gewoon lekker uitrusten!
 
Laatst bewerkt door een moderator:

janiculus

Gast
Je eerste verhaal begint met 'Daar stondt hij dan'. Deze zin is voor veel mensen al de reden om niet verder te lezen. Hoe je zoiets durft te typen. Het zou verboden moeten worden.
 
Je eerste verhaal begint met 'Daar stondt hij dan'. Deze zin is voor veel mensen al de reden om niet verder te lezen. Hoe je zoiets durft te typen. Het zou verboden moeten worden.
Excuses, heb het nog bijlange na niet zo grondig na gekeken, ergens staat ook 'schelde' in plaats van 'schold'.

Excuses, ben ook maar eens mens :)

Taalfouten mogen ook aangegeven worden ;)
 

RabbidRobin

Ex-Teamleider Forum
Het verhaal over Ridders, paarden, feeën en meer

[21:46:45] <Rabbid> Er was eens
[21:46:49] <Rabbid> Een hele nobele ridder
[21:46:57] <Rabbid> Genaamd Imro
[21:47:02] <Rabbid> Hij zat op zijn paard
[21:47:06] <Imro> Bah
[21:47:14] <Imro> Ik ben marco|quiz niet
[21:47:17] <Rabbid> Toen opeens marco|quiz uit de bosjes kwam :eek:
[21:47:33] <Rabbid> Imro sprong van zijn paard om deze snodaard te gaan aanvallen
[21:47:47] <Imro> :eek:
[21:47:49] <Rabbid> toen hij uitgleed over verse paardenstront en hij vol met zijn gezicht in de modder lag
[21:47:58] <Imro> Modder is goed voor je huid.
[21:48:01] <marco|quiz> bwahahahahahahahahahah
[21:48:03] <Imro> Heb ik gehoord.
[21:48:24] <Rabbid> marco|quiz lachtte zich kapot. Maar toen sprong er ineens een vrolijk konijntje voorbij :eek:
[21:48:40] <Rabbid> Het konijn had een magische toverhoed op en toverde marco|quiz om in een mooie prins
[21:48:43] <Rabbid> Genaamd
[21:48:44] <Rabbid> Uhm
[21:48:55] <Rabbid> Tristan :eek:
[21:49:01] <marco|quiz> wut
[21:49:03] <Rabbid> Imro zag Tristan en werd meteen verliefd
[21:49:09] <Rabbid> Ze leefden nog lang en gelukkig
[21:49:10] <Rabbid> Einde :D
[21:49:12] <@Tristan> Komt uit Tarzan
[21:49:20] <marco|quiz> oh bah
[21:49:24] <Imro> Nice, Rabbid.
[21:49:59] <@Nikitirana> en waar kom ik in het verhaal voor?! :O
[21:50:22] <@Tristan> Imro is die Bas dude :eek:!
[21:50:32] <Rabbid> Nikitirana: Ik vertel het aan jou
[21:50:38] <Rabbid> Jij kan er dan niet inkomen he :eek:
[21:50:39] <@Nikitirana> ja maar ik wil ook mee doen :(
[21:50:42] <Rabbid> uhm
[21:50:48] <Rabbid> MAar het was nog niet gedaan :eek:
[21:50:55] <Rabbid> Daar kwam De kwaardaardige heks aan :eek:
[21:51:00] <@Tristan> Othi :D
[21:51:13] <Rabbid> Ik wou eigenlijk Jannick voorstellen, maar Othi is ook goed :p
[21:51:28] <@Nikitirana> wat aardig zeg
[21:51:32] <Rabbid> Othiana zag hoe de 2 koene ridders zo gelukkig samen waren en voelde zich eenzaam
[21:51:36] <Rabbid> Ocharme de heks
[21:52:09] <Rabbid> Ze sprong op haar bezem en vloog naar de markt om te kijken of er daar nog iemand was die een lief zocht :eek:
[21:52:14] <Rabbid> Echter vond ze niemand
[21:52:36] <Rabbid> Treurig ging ze op een boomstronk zitten, toen er plots een fee, genaamd Nikitirana voorbij kwam zweven.
[21:52:46] <@Jannick> Ik vind dat ik de koning moet zijn in een verhaaltje
[21:52:48] <Rabbid> (Pssst, dit is een interactief toneel, nu moet jij Nikitirana :eek:)
[21:53:33] * Rabbid slaps Nikitirana around a bit with a large trout
[21:53:41] <Rabbid> Ben je je tekst vergeten? :eek:
[21:54:19] <Rabbid> tss
[21:54:40] <Rabbid> Nikitirana kreeg meedelijden met de Heks en ging naast haar om de stronk zitten. Ze vroeg wat er was
[21:55:07] <Rabbid> En nadat Othi het had uitgelegd, sprak ze een simpele toverpoverspreuk uit
[21:55:34] <Rabbid> Op slag werden Imro en TRistan elkaars vijanden en begonnen ze stilaan maar zeker allebei verliefd te worden op Othi
[21:56:13] <Rabbid> Othi vond het geweldig maar ze had niet door dat ze Imro's en Tristan's leven om zeep aan het helpen was :eek:
[21:56:21] <@Nikitirana> :p
[21:56:32] <Rabbid> Dus moest de fee weer ingrijpen
[21:56:50] <Rabbid> Ze veranderde Othiana in een mooie, kleurrijke prinses, zo een uit de boekskes
[21:57:27] <Rabbid> Maar daarbij verbrak meteen de liefde van Imro en TRistan, ze zagen in wat ze fout deden en begonnen elkaar, als verontschuldiging meteen te muilen :eek:
[21:57:53] <Rabbid> De Fee kon het niet aanzien dus teleporteerde ze zichzelf en de mooie prinses weg, naar het grote kasteel van Koning Jannick
[21:58:25] <Rabbid> Daar aangekomen zuchtte ze
[21:58:46] <Rabbid> Ze wist dat Jannick nogal van weelde hield, maar dit ging erover
[21:59:09] <Rabbid> Nikitirana aanschouwde de gouden tegels, de kristallen zuilen en het mooie dak
[21:59:27] <Rabbid> Ze toverde het kasteel naar een normaal huis
[21:59:34] <Rabbid> Koning Jannick werd woedend
[21:59:39] <@Jannick> Terecht
[21:59:46] <Rabbid> Maar toen zag hij de mooie prinses Othiana :eek:
[21:59:49] <@Jannick> :/
[21:59:51] <Rabbid> Hij was op slag vernield
[21:59:54] <Rabbid> verliefd*
[22:00:01] <Saas> liever dat dan verliefd :O
[22:00:04] <Rabbid> xD
[22:00:08] <@Tristan> Ik zou ook vernield zijn als ik Othi zou zijn
[22:00:10] <@Tristan> *zien
[22:00:18] <Rabbid> Ssssst, verteller spreekt :O
[22:00:24] * @Nikitirana schudt met haar blonde haren
[22:00:31] <Rabbid> Uhm
[22:00:48] <Rabbid> Othiana en Jannick trouwden, kregen vele kinders en leefden, net zoals Tristan en Imro heel lang samen
[22:00:50] <Rabbid> EINDE :D
[22:00:54] <@Nikitirana> EN IK DAN?!
[22:00:57] <Rabbid> wut?
[22:01:00] <@Nikitirana> :|
[22:01:01] <marco|quiz> door die lelijkheid
[22:01:02] <Rabbid> Jij bent de fee?
[22:01:06] <@Nikitirana> Ja.
[22:01:08] <marco|quiz> JE zou eerder denken dat othiana vernield zou zijn
[22:01:12] <@Nikitirana> Mag ik niet lang en gelukkig SAMEN leven?!
[22:01:13] <Rabbid> Zucht
[22:01:17] <@Nikitirana> nja laat maar
[22:01:18] <marco|quiz> van janick
[22:01:19] <@Nikitirana> ik ga wel drinken
[22:01:25] <@Nikitirana> mn verdriet weg zuipen :O
[22:01:26] <Rabbid> Jij leeft alleen met je 7 katten, niet goed genoeg? :O
[22:01:27] <@Nikitirana> tozo x
[22:01:33] <@Nikitirana> 72 dan.
[22:01:35] <Rabbid> k
[22:01:41] <@Nikitirana> (y)
[22:01:41] <Rabbid> dat wordt geregeld
[22:02:08] <Rabbid> Was het nu een goed verhaal?
[22:02:18] <Rabbid> ik sla het iig op :O
 
Ik ben ook begonnen met een verhaal.
Edward reed op zijn paard, het werd al bijna donker. Hij besloot terug te gaan naar Hernia. Door het moeras en het land van de Shetters. Er was gewaarschuwd door de Koning om uit te kijken, omdat de Shetters een gevaarlijk volk zijn. Maar Edward trok zich er niks van aan. Hij was koppig. En ach als hij er één tegen kwam zou hij hem wel vermoorden met zijn grote zwaard die hij altijd bij zich had. Hij kende geen angst, daarom was hij op jonge leeftijd ook al gekozen door de koning. Hij was één ridder van de vijf. Die het geheime wapen van het Koninkrijk vormde. Hij had al tal gevechten gewonnen. Maar hij werd al ouder. En merkte steeds vaker dat hij last kreeg van al dat reizen. De koning had hem al gewaarschuwd en gezegd dat hij ook met pensioen kon gaan, en genieten van zijn kamer in het kasteel. Maar Edward dacht er niet aan. Vooral nu de Shetters snel land veroverde hadden ze hem nodig. Hij reed verder op zijn paard Jasper, ze kende elkaar goed en waren een geweldig team. “Kom Jasper nog een klein stukje en we zijn bij het kasteel.” Edward gaf een ruk aan de sporen. Het paard begon te draven. Hij draafde heel soepel over het pad en bereikte zijn top snelheid. In de verte zag hij het kasteel al liggen. In Hernia leek alles rustig. Het lag aan de voet van het kasteel, en het was ook de hoofdstad van Gario. Edward stapte van zijn paard af, en ging naar het kasteel. De ophaalbrug was open en de wachters herkende hem natuurlijk.
“Edward! Fijn dat je terug bent.” Edward reed verder. Tot hij bij het achterste gebouw kwam. Dit was het huis van de koning en tevens ook zijn slaap plaats. Hij liep naar binnen. En ging met de trap omhoog. Op de tweede etage was zijn suite. Het had een mooi uitzicht op de stad en een strategisch overzicht. Hij zou het gelijk zien als er vijanden aankwamen. Hij opende de deur en ging naar binnen. Hij zag dat zijn zwangere vrouw er niet was. Ze is vast in de stad. Dacht Edward. Hij was nog maar net binnen toen er aan de deur werd geklopt. “Binnen” riep Edward. En een gespierde man in een zwart gewaad kwam binnen “Ik ben het de wachter van de koning. De koning wil je spreken.”
Edward had dat niet verwacht. Hij kwam niet terug van een missie en hoefde dus ook geen verslag uit te brengen. Hij besloot toch naar de koning te gaan. Even later stond hij voor de deur en klopte aan. De koning verwachte hem al en liet hem binnen.
Edward maakte een buiging. “Edward, de Shetters hebben nu ook een deel van het Hoge Noorden veroverd. Je weet dat het woeste krijgers zijn, maar ik weet niet of ze de Shetters aankunnen. Ga er heen en neem een stuk of honderd man mee.” Sprak de koning. “Maar meneer, honderd man is toch niet genoeg. Met al onze mannen kunnen we ze nog niet eens aan. Kunnen we niet beter onze bondgenoot inroepen, en wachten tot ze hier komen.” Prak Edward de koning tegen. “Maar Edward, je begrijpt toch wel dat als we nog langer wachten dan zijn ze des te eerder hier. Jij moet ze tegen houden. Dan schakelt Ferdinand de Portiusen in.” “Koning, ik weet niet of het wel slim is. Ik ben net terug, en mijn vrouw is hoog zwanger.” De koning liep bedachtzaam rond. Hij besefte ook wel dat Edward gelijk had, maar hij was duidelijk de beste Strateeg van het land.
“Oké Edward, ik stuur Willem wel. Je kan weer terug kan naar je suite.”

Vannacht had hij slecht geslapen, het zat hem niet helemaal lekker.
Hij had de koning geweigerd terwijl ze hem nodig hadden. Het Koninkrijk was in gevaar.
Maar wat moest hij dan? Hij kon toch niet de geboorte missen van zijn kind.
 

RabbidRobin

Ex-Teamleider Forum
Het verhaal over koekjes deel I

Wisten jullie dat er aan de eind van een regenboog een pot met koekjes staat?
Chocoladekoekjes, van de puurste chocolade ,gemaakt door elfjes, die ervoor worden betaalt in koekjes, maar dit alles is maar een geheim. Aangezien alleen de echte uitverkorene in staat is om de regenboog te volgen tot het eind.
Er zijn namelijk verschillende hindernissen op je pad zoals een trol onder een brug, gierige kabouters met hun potten met goud, afgronden, watervallen, valse paden, waar je gewoon doorvalt als je er op loopt. Maar dit alles is niets vergeleken met het monster.
Niemand weet wat het is, waar het vandaan komt, of hoe het je aan je eind brengt. Echter weet men wel dat je er niet levend vanaf geraakt......


Wordt vervolgd :eek:
 

Heikenen

Gast
Het verhaal over koekjes deel I
Wisten jullie dat er aan de eind van een regenboog een pot met koekjes staat?
Chocoladekoekjes, van de puurste chocolade ,gemaakt door elfjes, die ervoor worden betaalt in koekjes, maar dit alles is maar een geheim. Aangezien alleen de echte uitverkorene in staat is om de regenboog te volgen tot het eind.
Er zijn namelijk verschillende hindernissen op je pad zoals een trol onder een brug, gierige kabouters met hun potten met goud, afgronden, watervallen, valse paden, waar je gewoon doorvalt als je er op loopt. Maar dit alles is niets vergeleken met het monster.
Niemand weet wat het is, waar het vandaan komt, of hoe het je aan je eind brengt. Echter weet men wel dat je er niet levend vanaf geraakt......


Wordt vervolgd :eek:
Bah, geef mij maar M&M's. :p
 
Ik kreeg opeens een verhaal in men hoofd, ik heb het een beetje aangepast om het toegankelijker te maken.
Iedere verwijzing naar sommige forumpersonen is geheel toevallig de bedoeling.

Een Verloren Geschiedenis by JustAPlayer

Dagboek
Ik kan me niets meer herinneren: Ik weet niet hoe we hier komen, waar we zijn, of wie deze andere mensen zijn.
Ruben, Dag 1
Jan werd langzaam wakker met een bokkend hoofd. Hij was verward. Verscheidene vragen flitsten door zijn hoofd: Waar ben ik? Hoe ben ik hier geraakt? Wie zijn deze andere mensen? Hoe zeer hij ook zijn hoofd pijnigde, hij kon zich voorlopig niets herinneren.
Imran was al lang wakker en had al uitvoerig het strand bestudeerd. Imran besloot dan hij de leiding maar moest nemen, dat deed hij immers al zijn hele leven. Hij riep iedereen samen, het moesten er een stuk of 100 zijn. Hij zei luid en duidelijk: “Mensen, ik weet niet wie jullie zijn en jullie weten niet wie ik ben. Het enige dat ik weet is dat we op een soort van eiland zijn gestrand. Voorlopig moeten we zo snel mogelijk een kamp opstellen”. Iedereen knikte instemmend.
Als laatste vroeg Imran: “Weet iemand toevallig welke dag het is?” Ruben nam zijn GSM uit zijn zak en deblokkeerde hem. Een Selena Gomez achtergrond verscheen met daarop de tijd op. Ruben vertelde dat het Donderdag 4 mei was. Heb je toevallig bereik vroeg Imran, Ruben antwoordde negatief.

Wordt vervolgd...
 
Laatst bewerkt: